Auto zelf wassen: zo doe je het stap voor stap

Je auto zelf wassen doe je het beste met de juiste volgorde en materialen, zodat je geen krassen veroorzaakt en het resultaat er ook echt uitziet. Begin altijd met de wielen en velgen, spoel daarna de carrosserie voor, was de auto van boven naar beneden met een zachte spons en shampoo, en droog hem af met een microvezel doek. Dat klinkt simpel, maar de volgorde en de details maken het verschil.

Hieronder vind je een complete aanpak, van voorbereiding tot nabehandeling, zodat je auto schoon is zonder beschadigingen.

Wat heb je nodig om je auto zelf te wassen?

Met de juiste spullen voorkom je krassen en spar je jezelf een hoop frustratie. Dit zijn de basisbenodigdheden:

  • Autoshampoo (geen afwasmiddel, dat tast de lak aan)
  • Twee emmers: één met zeepwater, één met schoon spoelwater
  • Zachte spons of washandschoen van microvezel
  • Aparte spons of borstel voor de velgen
  • Tuinslang of hogedrukreiniger
  • Microvezel droogdoeken (minstens twee)

Een hogedrukreiniger is handig voor wielen en velgen, maar gebruik hem niet heter dan 60 graden Celsius, zo adviseert de ADAC. Te heet water kan afdichtingen en lak beschadigen. Houd bij de hogedrukreiniger ook altijd voldoende afstand tot de lak, minstens 30 tot 40 centimeter, anders maak je deuken of bladder je de lak los.

Stap voor stap: je auto zelf wassen

1. Velgen en wielen als eerste. Begin altijd met de wielen. Ze zijn het vuilste deel van de auto en als je ze als laatste wast, spat het vuil van de velgen alsnog op de net gewassen carrosserie. Gebruik de hogedrukreiniger of een velgenborstel met wat shampoo. Laat velgenreiniger even inwerken als het vuil hardnekkig is.

2. Carrosserie vooraf spoelen. Spoel de hele auto van boven naar beneden na met de slang of hogedrukreiniger. Hierdoor verwijder je los zand en vuil dat anders krassen veroorzaakt tijdens het wassen. Sla deze stap niet over.

3. Wassen met de twee-emmer methode. De truc die professionals gebruiken: één emmer met zeepwater, één met schoon water. Doop de spons in de zeepwater, was een sectie (bv. het dak), spoel de spons daarna in de emmer met schoon water voor je hem opnieuw in de zeepemmer doopt. Zo breng je geen vuil terug op de lak. Was altijd van boven naar beneden: dak, motorkap, ramen, portieren, bumpers. De dorpels en bumpers zijn het vuilste, die doe je als laatste.

4. Afspoelen. Spoel de auto volledig af met schoon water, ook hier van boven naar beneden. Zorg dat er geen shampoo achterblijft, want dat trekt strepen.

5. Drogen. Droog de auto zo snel mogelijk met een schone microvezel doek. Laat je de auto in de zon drogen, dan ontstaan er watervlekken door kalkresten in het leidingwater. Dep of veeg zacht, nooit hard wrijven.

Veelgemaakte fouten bij zelf wassen

De grootste fout is de auto wassen in direct zonlicht of bij hoge temperaturen. De lak wordt warm, de shampoo droogt te snel in en je houdt vlekken over. Was bij voorkeur in de schaduw of op een bewolkte dag.

Een andere veelgemaakte fout is het gebruik van afwasmiddel als vervanging voor autoshampoo. Afwasmiddel is agressief en verwijdert de waslaag op de lak. Op de korte termijn lijkt het prima te werken, maar de lak wordt er op de lange termijn dof van en minder beschermd tegen weersinvloeden.

Tot slot: gebruik nooit dezelfde spons voor de velgen én de carrosserie. Velgen zitten vol remstof en fijnzand. Als je die spons over de lak haalt, is de kans op krassen groot.

Mag je je auto overal zelf wassen?

Dit is een punt dat veel mensen over het hoofd zien. In Nederland is het in veel gemeenten verboden om je auto op de openbare weg te wassen, omdat het zeepwater via de straatgoot in het oppervlaktewater terechtkomt. Op eigen terrein, zoals je oprit, mag het doorgaans wel, maar ook dat verschilt per gemeente. Twijfel je? Vraag het na bij je gemeente of gebruik een officiële wasplaats.

Op een wasplaats bij een tankstation of carwash mag je je auto altijd zelf wassen. Het afvalwater wordt daar apart opgevangen en gefilterd.

Na het wassen: waxen of niet?

Na het wassen is een goede wasbeurt ook het ideale moment om de lak te waxen of te behandelen met een snelwax. Wax beschermt de lak tegen vuil, water en UV-straling en maakt de auto langer schoon. Een basiswax in spray is zo aangebracht, een paar minuten werk na het drogen. Doe je dit twee tot vier keer per jaar, dan blijft de lak er beduidend beter uitzien.

Je auto zelf wassen kost je met de juiste aanpak zo’n 30 tot 45 minuten en het resultaat is vaak beter dan een automatische wasstraat, die de lak op termijn kan beschadigen met zijn borstels. Met twee emmers, goede shampoo en een microvezel doek kom je een heel eind.

Ähnliche Beiträge